Tijdens mijn humaniora raakte ik nogal dik bevriend met een
meisje dat niet zo’n fijne jeugd had gehad. We trokken ook na de schooluren veel met elkaar op,
gingen samen uit, leerden elkaars vriend kennen, en later waren we te gast op
elkaars trouwfeest.
Na enkele jaren al veranderde er iets in de relatie met haar
man. Zij bleef een fuifnummer, hij was daar klaar mee en wilde aan het echte
leven gaan beginnen. Terwijl hij laat en veel werkte, hield zij er een
buitenechtelijke relatie op na. Iemand van haar werk … zo gaat het meestal. Uiteindelijk
scheidde ze van haar man, die daar zo kapot van was dat hij korte tijd later een einde aan zijn
leven maakte.
Haar nieuwe relatie was totaal anders dan haar eerste man. Veel
uitgaan, veel drinken, louche zaken doen. En zij was ook niet meer de vriendin die ik
altijd had gekend, maar we hielden nog wel wat contact, al was dat eigenlijk op haar initiatief. Ik/wij had(den) inmiddels een kind waar ik mijn handen mee vol had en mijn leven verliep totaal anders dan het hare.
Haar nieuwe man startte een zaak op in het buitenland en net toen zij op het punt stond
om definitief naar daar te verhuizen - zij was door louche zaken en drankmisbruik haar job kwijtgeraakt - werd hij geveld door een hartaanval. Op slag dood. De
begrafenis was op een zonovergoten dag in mei. Gek dat je je zulke details herinnert
als de dag van gisteren.
Haar verdriet was groot en ze zocht terug meer contact met
mij. Zo belde ze me steevast ’s avonds laat, de fles wijn of sterke
drank aan haar zij, en hingen we uren (althans, zo leek het voor mij) aan de telefoon tot er geen normaal
gesprek meer mogelijk was. Ik heb haar zo dikwijls gevraagd om professionele hulp te zoeken, maar verder dan wat loze beloftes van haar kant kwam het niet. Die nachtelijke telefoontjes hebben vele maanden geduurd, terwijl wij
in die tijd hier thuis zelf de nodige problemen hadden met een depressieve zoon
die al onze aandacht nodig had.
Toen ze mij dan op een avond weer belde, helemaal in de wind
want ik kon haar nauwelijks verstaan, heb ik haar vlakaf gezegd dat ze mij pas
weer mocht bellen als ze nuchter was. En ik heb ingelegd. Ik kon het er echt niet meer bij hebben. Ik zat zelf aan het einde
van mijn krachten en voelde me zo machteloos omdat ik haar niet kon helpen / omdat ze niet geholpen wou worden.
Nadien heb ik nooit meer iets van haar gehoord.
Vele jaren later googelde ik haar op internet en las ik op een inmiddels ter ziele gegane social media site een
berichtje dat zij in september 2010 overleden is na een langdurige ziekte.
Dat heeft er bij mij toch wel flink ingehakt. Ik voel(de) me zo’n loser omdat ik haar destijds in de steek had gelaten. En ik kan het nooit meer goedmaken ...







